Gedroomd dat vader nadat hij gestorven was opnieuw op het ziekenhuisbed lag, grijnzend, rechtop in geruite pyjama, uitdagend, terwijl ik vanop de gang de kamer inkeek, doodmoe van het sterfbed, waarop vader akelig wakker was, ik honderd jaar en eenzaam met de stervende, die luid mijn controledrift uitlachte, en ik stond ernaar te kijken, probeerde wakker te worden en toen dat eindelijk lukte, was ik opgelucht maar ook behoedzaam, onzeker over de staat waarin we ons bevonden. Vroeger lachte vader stil.